Italiaanse Literatuur
Het moderne italiaans komt oorspronkelijk van het latijn, een gevolg en ontwikkeling van het latijn dat werd gesproken door de inwoners van het schiereiland na de val van het Romeinse keizerrijk. Er wordt nog steeds gediscussieërd in hoeverre dit gesproken latijn gelijk was aan de klassieke literaire taak van Rome en in hoeverre het alleen maar een populaire taal was. Zeer waarschijnlijk was het een combinatie van deze twee. Een klein aantal woorden uit het grieks zijn overblijfselen uit het tijdperk van de Byzantijnsche overheersing, de rest werd later door de kruistochten en handel geintroduceerd;de arabische invasies hebben sporen achter gelaten, maar dit zijn maar een heel klein aantal arabische woorden, hoofdzakelijk in Sicilië; een aantal woorden komen direct uit het latijn via het frans of provenzal; zelfs de lange eeuwen van Teutonische (germaanse) bezetting en vijandelijke invallen hebben slechts een hele kleine invloed gehad op de taal en er zijn maar een klein aantal germaanse woorden overgenomen.De opkomst van literatuur, beide geschreven en gesproken, in streektaal begon in de 13e eeuw; een peiode van grote politieke en burgelijke heropleving in de italiaanse steden en een levendige renaissance in kunst en cultuur na de moeilijke eeuwen gevolgd door barbaarse overheersing. Er was een groot aantal richting in de 13e eeuwse literatuur: religieuze poëzie; poëzie geschreven door franse jonleurs; de satirische gedichten van Cecco Angiolieri; chicalric literatuur (de chansons de geste afgeleid van het frans); didactische en morele proza waarin Brunetto Latini bekend om was en de meest voorkomende, liefdes poëzie.
De dertiende eeuw
Italiaanse literatuur, alleen gesproken, begon in de beginjaren van de dertiende eeuw. Onder de invloeden op het werk in zijn formatie moet eerst door Sint Francis de godsdienstige heropleving vermeld worden die vervaardigd is van Assisi en zijn aanhanger, het lyrisch fruit dragend in de Lauda, het populaire heilige lied, vooral in centraal Italië. St. Francis zelf composeerde een van de eerste Italiaanse gedichten, het bekende "Cantica del Sole", of "Laudes Creaturarum" (1225), een "sublieme improvisatie" (zoals Paschal Robinson het noemd) eerder dan een precieze literaire productie. De belangrijkste literaire beweging van de tweede helft van de 13e eeuw noemde Dante "dolce stil novo".
Dante alighieri (1265-1321)
De 14e eeuw was een periode van een geleidelijke verandering in het leven en de cultuur van de middeleeuwen wat de opkomst een nieuw concept voor het bestaan. De literaire traditie die het best werd uitgedrukt door Florentine Dante Alighieri werd ook rijper. Het werk van Dante was het origineel van de moderne italiaanse literatuur en taalkundige traditie. De eerste liedteksten zijn verzameld in de "Vita Nuova", een geidialiseerde autobiografie waarin de dichter over zijn liefde voor Beatrice zong en tegelijkertijd overtrof hij die liefde met de liefde voor God. In een werk voor "Divine Comedy" ("Convivio","De vulgari eloquentia", "De monarchia"), heeft Dante het over thema´s van die tijd zoals geesten, cultuur en politiek.
Het grootste werk van Dante, wat ook het beste is in de Italiaanse literatuur is de "Devine Comedy": een ingewikkeld poëtisch werk dat een groot onderwerp behandeld. De inhoud verenigt de geest van de middeleeuwen en drukt het geloof uit in een wereld die geleidt door de wil van God.
14e-eeuw
Voor Italie is deze eeuw de gouden eeuw van streektalen en mystische literatuur, wat een rijke oogst van vertalingen van de Bijbels en de Vaders, van geestelijke brieven, preken en godsdienstige verhandelingen vormt die niet minder merkwaardig is voor hun hartstocht en zalving dan voor hun taalkundige waarde.
De proza van de 14e eeuw werd door een explosie van godsdienstige literatuur gekarakteriseerd, dat hoofdzakelijk over opvoeding en godsdienstige instructie van de mensen ging. Het aantal preken, leerstellige verhandelingen, biografieën van heiligen (vooral om Heilige Francis en de Heilige Catherine heen) die in deze tijd zijn geschreven zijn getuigenissen geworteld uit het christendom. Er waren ook talrijke historische werken, in zowel Latijns als Italiaans. Deze geschriften zijn merkwaardig door hun levendigheid en concrete verhaal.
De Renaissance
De idealen van humanisme bereikte zijn hoogtepunt in de Renaissance: de meest glorieuze periode van de italiaanse kunst wat door het werk van Masaccio, Piero della Francesca, da Vinci, Michelangelo, Raphael, Donatello, Botticelli, Brunelleschi, Bramante etc. een voorbeeld gaf aan de rest van Europa en het was het begin van de moderne civilizatie. Het was een periode die gekenmerkt werd door het geloof in een man in het midden van de wereld, beide onderwerp en schepper van zijn lot, door de idealen van gratie, schoonheid en harmonie en door de verheerlijking van individuele vrijheid en de verbinding tussen mens en natuur.
Er zijn twee verschillende tijdperken in de geschiedenis van de italiaanse Renaissance: de vroegere, en ook het grotere deel van de 15e eeuw (Il Quattrocento), van de terugkomst van de pausen uit Avignon (1377) tot de invasie van Charles VIII (1494); de latere, alles omvattende 16e eeuw (Il Cinquecento), van de overwinning van de Fransen in Fornovo (1495) tot de machtsoverdracht van het hertogdom van Ferrara tot het gerechtshof van de paus (1597).
De Decadentie
De creative genie van de italianen was uitgeput door de Renaissance en het leven van de natie werd vernietigd door de spaanse heerschappij, door het verdrag van Cateau-Cambrésis (1559) deden zij een beroep op het schiereiland. In het tweede deel van de 16e eeuw begon de achteruitgang; het duurde de hele 17e eeuw (Il Seicento), en de eerste helft van de 18e eeuw (Il Settecento), wat samen het minst vruchtbare tijdperk uit de geschiedenis van de italianse literatuur vormde.
Ook al was de belangrijkste italiaan van het tijdperk, Galileo Galilei (1564-1642), wat eerder tot de wetenschap behoort dan tot literatuur, zijn schriften zijn wel van uiterst hoog literair niveau. Francesco Redi (1626-1698), een uitgesproken arts, was ook een dichter en filoloog. Drie jezuïets hoorde bij de beste proza schhrijvers van de eeuw, ze combineerde toewijding en leren met een literaire stijl, wat veel minder vrij was dan Galileo´s, en werd door niemand overtroffen van zijn generatie. Vader Sforza Pallavicino (1607-1667) schreef de officiele geschiedenis van de raad van Trent, hij weerlegde hiermee Paolo Sarpi (1552-1623) en etische en relieuze verhandelingen, waarvan de "Arte della Perfezione Cristiana" en de vier boeken "Del Bene", filosofische dialogen die werden gehouden in de villa van Cardinal Alessandro Orsini in Bracciano, worden nog steeds gelezen; Vader Daniello Bartoli (1608-85), een succesvolle en briljante schrijver, schreef de geschiedenis over de maatschappij van Jezus in de stijl wat typisch is voor de Seicento op z´n best Father Paolo Segneri (1624-94) vormde opnieuw de kunst van de religieuze retoriek en bevrijdde het van de korrupties van die tijd.
Moderne Literatuur
Tussen de vele succesvolle schrijvers die in de laatste decenia verschenen, verdienen sommigen het om in het bijzonder genoemd te worden. Italo Calvino, wiens filosofische verhalen een originele en denkbeeldige draai hebben ("I nostri antenati"); Carlo Emilio Gadda, die een anti-tradionele taal gebruikt om de maatschappij af te schilderen; Dino Buzzati ("Il deserto dei Tartari") en Elsa Morante ("La storia") die de psychologische manier van doen van de mens bestudeerde. Umberto Eco's historische mysterie roman "Il nome della rosa" (in de naam van de roos) is internationaal een groot succes geworden.
|
|






